BWV 14   Zou God in deze tijd niet bij ons zijn
1. Coro
Corno da caccia, Oboe I/II all' unisono, Violino I/II, Viola, Continuo
  Zou God in deze tijd niet bij ons zijn,
Zo zou Israël zeggen,
Zou God in deze tijd niet bij ons zijn,
Hadden wij de moed verloren;
Wij, die zo een kleine groep zijn,
Veracht door al de vele mensenkinderen,
Die bij ons binnen dringen.
2. Aria S
Corno da caccia, Violino I/II, Viola, Continuo
  Onze sterkte heet te zwak,
Om onze vijand te weerstaan.
    Stond ons niet de Allerhoogste bij,
    Dan zou ons hun tirannie
    Snel naar het leven staan.
3. Recitativo T
Continuo
  Ja, zouden ze maar aan God toegeven.
Wij zouden allang niet meer in leven zijn.
Ze trokken ons uit wraakgier naar zich toe
Zo toornig is hun gemoed jegens ons.
Hun woede zou ons,
Als een wilde vloed
En als schuimend water, hebben overspoeld
En niemand had dat geweld tot staan weten te brengen.
4. Aria B
Oboe I/II, Continuo
  God, bij Uw sterke schutse
Zijn wij bevrijd van de vijand.
Als zij zich als wilde golven
uit gramsschap tegenover ons opstellen
Staan Uw handen ons bij.
5. Choral
Corno da caccia e Oboe I/II e Violino I col Soprano, Violino II coll'Alto, Viola col Tenore, Continuo
  God zij lof en dank, Hij die niet toegaf
Dat hun muil ons mocht vangen.
Zoals een vogel aan de strik ontsnapt,
Is onze ziel ontkomen:
De strik is aan stukken en wij zijn vrij;
De Naam van de Heer staat ons bij,
De Naam van God van de hemel en de aarde.


Besetzung   Soli: S T B, Coro: S A T B, Corno da caccia, Oboe I/II, Violino I/II, Viola, Continuo
Entstehungszeit   30. Januar 1735
Text   1,5: Martin Luther; 2-4: unbekannter Dichter
Anlass   4. Sonntag nach Epiphanias
Diskussion   Aryeh Oron Julian Mincham

Bach Cantata Page